[Advertentie]

Abbie de Quant geeft masterclasses op landgoed De Oldenhof

09-09-2011

Een weekend vol fluitklanken in de weldadige herfstsfeer van een bosrijk landgoed: dat biedt het LentePodium op 24 en 25 september op De Oldenhof in het Overijsselse Vollenhove. Dan geeft de internationaal befaamde fluitiste Abbie de Quant daar openbare masterclasses aan talentvolle jonge musici, die worden afgesloten met een concert. Twee deelnemers hebben enkele maanden geleden de 1ste prijs gewonnen op het prestieuze Benelux Fluitconcert.

De status en de kwaliteiten van Abbie de Quant hebben nauwelijks toelichting nodig: ze trad op met dirigenten als Marriner, Berio, Paillard en Leppard en maakte vele opnamen, onder andere voor EMI en CBS.
Wat Abbie de Quant in de statige maar toch huiselijke ‘eetkamer’ van De Oldenhof gaat doen lijkt eenvoudig, maar is het niet: ze zal vijf fluitisten van 15 tot 18 jaar – laureaten van het Benelux Fluitconcours en het Prinses Christina Concours – inwijden in de geheimen van de interpretatie. Zelfs voor mensen die zich beschouwen als doorgewinterde muziekliefhebbers is dat een openbaring: telkens weer hoor je het verschil tussen ‘noten spelen’ en ‘musiceren’. Telkens weer word je geconfronteerd met de fascinerende vraag wat het nu eigenlijk is dat muziek tot muziek maakt.

Het programma omvat op zaterdag 24 september twee reeksen masterclasses: de eerste begint om 10.30 en de tweede om 14.00 uur. Op zondag beginnen de masterclasses om 9.30 en het concert om 15.30 uur. Tijdens dat concert kunnen de jonge fluitisten – samen met hun begeleiders – laten horen wat ze van Abbie de Quant hebben geleerd.
Beide dagen bestaat de mogelijkheid op De Oldenhof te lunchen.

Het aantal plaatsen is niet zo groot, dus is het nodig de kaarten voor de masterclasses (€ 6 per bijeenkomst) en voor het concert (€ 9) te reserveren bij Tine Nouwen, 0527-291784, email: pt.nouwen@planet.nl en Eva Schepers, 0527-202988, email: htamschepers@hetnet.nl. Het adres van het landgoed De Oldenhof is: Oppen Swolle 7, 8325 PE Vollenhove.

Uw commentaar