[Advertentie]

Lucie de Lange hoofdrol in stuk Jos Brink

12-11-2011

Als een rode draad loopt hij door haar leven. Het was Jos Brink die Lucie de Lange (54) tegen wil en dank de theaterwereld in sleepte en haar aan het werk hielp. Het was Jos Brink die meteen vanuit Amsterdam naar Blokzijl reed toen haar zusje stierf aan borstkanker. Ze dankt haar man Jan aan hem. En het schilderij boven de bank, met Lucie levensgroot in de schaduw in de coulissen, is een huwelijkscadeau gemaakt door Jos Brink. Sinds zijn dood in 2007 mist ze haar "grote broer" enorm. Vanaf januari speelt ze de hoofdrol in Bessen, door Jos Brink in 1981 geschreven. "Laten we die lange dweil uit Blokzijl maar nemen."

Als puber stond Lucie de Lange op straat door de ramen van haar huidige woning te kijken. Daar zou ze ooit willen wonen. Haar ouders, conferencier en radiomaker Cees de Lange en revuester Lucie Steijn, hadden in 1965 een zomerhuisje gekocht in Blankenham. En het gezin de Lange deed de boodschappen in het nabijgelegen Blokzijl. Een kleine twintig jaar later was het zover. Haar moeder was na de snelle dood van haar man - Cees de Lange stierf op 60-jarige leeftijd in 1974- alleen in het zomerhuis gaan wonen. "Zij is een vrouw voor één man, na mijn vader is er geen ander gekomen." De telefoonrekeningen werden torenhoog. Daarom besloot Lucie haar moeder te volgen naar Overijssel. Sinds 1987 reist zij voor haar theaterwerk vanuit het monumentale havenstadje het hele land door. Jarenlang speelde ze in musicals van Jos Brink en Frank Sanders. Later in de kluchten van Jon van Eerd. En straks vanaf januari heeft ze de hoofdrol in Bessen, een toneelstuk van Jos Brink. De tv-presentator en entertainer overleed op 17 augustus 2007. Een groot verlies voor Lucie omdat hij voor haar als een 'grote broer' was. 

Brink werkte samen met haar vader en duwde De Lange het toneel op. Vaak tegen wil en dank. "Ik had helemaal geen ambities het theatervak in te gaan. Ik was stewardes en dat beviel me prima. Nog steeds ontbreekt het me aan theaterambities", lacht De Lange. Als Lucie in de keuken staat, kletst ze onverstoorbaar door. Met de riante opening naar de woonkamer, spreekt ze dan ook met recht van een "doorklepwoning". Gedreven praat ze over haar moeder. Na de dood van haar zusje Patricia, die op 49-jarige leeftijd overleed aan borstkanker, zijn ze nog met hun tweeën. "Ik hoop dat mijn moeder 124 wordt. Anders voel ik me zo Remi, alleen op de wereld. Nou ja, onzin natuurlijk want ik heb een geweldige vent. Jan is toneelmeester bij theater 't Voorhuys in Emmeloord. Maar ja, mijn moeder is erg belangrijk voor me." Lucie Steijn is het oudste koorlid van het Koopmansvrouwenkoor dat dochter Lucie in 1997 oprichtte in Blokzijl. Hond Sjaantje gaat mee op tournee en ook moeder Lucie vergezelt haar regelmatig. 

Altijd werkte ze hard, want zonder geld ben je nergens. Maar in 2000 ging het mis. "U bent op uw 18e op de theatertrein gesprongen en er nooit meer uitgestapt", zei de psychiater. Het bleek een zware depressie. Vlak voordat haar zusje ernstig ziek werd. "In 1986 had ik een superdruk jaar. Ik speelde elke avond de musical Madame Arthur. En deed overdag opnames voor Wedden Dat en de Ep Oorklepshow. Na drie jaar voelde ik me uitgeput. Toen Jos mij vroeg voor de musical over Sonneveld, voelde ik dat ik het niet kon. Zoek maar een ander voor de rol van Conny Stuart, riep ik meteen. Ik was op, huilde en sliep vooral. Met behulp van antidepressiva. Pas na maanden voelde ik, tijdens het wandelen met de hond, de zon op mijn huid." 

Twee jaar geleden werd ze tot ereburger van Blokzijl uitgeroepen en men vernoemde een tulp naar Lucie. "Een hele lange en oersterke soort. Die blijft echt weken staan. Zachtgeel met een roze randje. Als de tulp ouder wordt, verkleurt ze. Dan issie ecru met lila. Dezelfde kleuren als mijn trouwjurk", vertelt ze verheugd. "Ik weet niet waarom ze voor mij kozen. Ze dachten: laten we die lange dweil uit Blokzijl nemen", ratelt De Lange terwijl ze naar de fotograaf roept: "Zit mijn haar nog goed, of staat het alle kanten op?" Achter haar hangt een groot schilderij gemaakt door Jos Brink. Hierop zien we Lucie twee keer. Een maal ten voeten uit in de schaduw van de coulissen, en daarnaast op toneel met collega's Jos Brink en Frank Sanders. Op de rug gezien. Alsof ze uit twee personen bestaat. "Gekregen van Jos op onze trouwdag." Valse opmerkingen over Jos bestrijdt ze onmiddellijk. "Ik kreeg van iemand een artikel uit het boulevardblad de Story door de bus. Hierin werd Willem Nijholt geciteerd. In zijn boek schrijft Nijholt dat Jos ijdel was en ten onrechte de Genesiuspenning, een Sonneveldprijs, heeft gekregen. Ik heb meteen een ingezonden brief geschreven. Jos kan zich niet meer verdedigen. Dus moet ik het doen. Ik heb zoveel aan die man te danken." Ze ging op zangles, een idee Jos, maar al die rare oefeningen zou ze toch nooit gebruiken. En ook de auditie op de kleinkunstacademie, voorstel van Jos, mislukte jammerlijk. "Ik was de tekst kwijt, een lied van Jos, ook dat nog. Zenuwen. En ik had mijn moeder mee, wie doet ook zoiets. Bovendien was ik veel te tuttig gekleed. Daar stond ik in een kokerrok en spencertje tegenover een jury van louter hippies. Nee, sindsdien heb ik nooit meer een auditie willen doen. Nou ja, één keer niet zo lang geleden nog. Voor de foute nanny in Mary Poppins. Ze vonden me nota bene te iel. Met mijn postuur! Dat had ik niet eerder gehoord."

Een soloprogramma is niets voor haar. "Ik ben geen einzelgänger, ik wil niet in mijn eentje de boer op", benadrukt De Lange. "Doe mij maar het gezelschap van de groep. Ik ben een schakel in het geheel. In samenspel komen mijn talenten het beste tot hun recht." Toch is ze graag alleen. In de auto op weg naar repetitie en schouwburg, terug naar huis. En ze kan zich uren vermaken in haar tuinhutje waar ze hartveroverende poppenhuizen maakt. De piepkleine laadjes en kastjes puilen uit van de kleurrijke miniatuurtjes en stofjes. "Ik ben heel lang kind gebleven. Dit is mijn eigen universum. Lekker kneuterig." Zelf heeft ze nooit kinderen gewild. "Ze trekken wel altijd naar me toe want ze herkennen mijn stem van de vele animatietypetjes die ik doe", zegt ze terwijl ze schakelt van Calimero naar Bianca de Castafiore in de nieuwe Kuifje-film. "Ik wist al vroeg dat ik ze zelf niet wilde." Ze toont de 'geboortekistjes', kleine kinderkamertjes die ze als kraamcadeautje maakt voor vrienden en bekenden. "Ik loop een beetje achter, dit kindje is al in juni geboren en het is nog niet af." 

Op elk poppenhuis staat nummer 12 naast de deur. Want dat is haar lijfgetal. Laat het cijfer 12 vallen en Lucie loopt leeg. Het begon met het verongelukken van haar eerste vriendje, op 12 juli. Sindsdien blijft het getal haar achtervolgen. Op 12-12-12 hoopt ze met Jan een groot feest te geven. Dan zijn ze 21 en een 1/2 jaar getrouwd. Ze ontmoette hem in de stadsschouwburg van Haarlem. Als toneelmeester hees hij haar ooit in een schommel omhoog tot in de nok van het theater. "Wat issie leuk", zei ze tegen Jos. Die riep meteen: "Ik zal es even besnorren of hij getrouwd is." 

Voor Lucie is het getal geen obsessie maar ze noemt het liever "mijn beschermengel". En er volgt een aaneenschakeling van gebeurtenissen waarin de 12 aan haar zijde is. In hotels, altijd kamer 12. "Ik fotografeer het tegenwoordig want anders gelooft niemand me." De onheilstijding van de Maya's op 12-12-12 heeft haar altijd gefascineerd. "Nee, ik denk niet dat de wereld vergaat. Hoewel, het mag wel, dan hoeven we de rekening van het knalfeest niet te betalen. Ach nee, het einde der tijden: dat zal wel loslopen. Maar er moet beslist een omslag komen. Mensen denken alleen nog aan zichzelf en gooien hun rotzooi op straat. Woedend kan ik daar om worden. Ik heb heel wat blikjes en papiertjes van anderen opgeraapt." In Blokzijl ondervindt ze een andere mentaliteit. Toen haar moeder in het ziekenhuis lag, en van het een op andere moment werd ontslagen, was Lucie voor een voorstelling in het zuiden. Ook haar man kon op dat moment onmogelijk het theater verlaten. De zangeressen van het Koopmansvrouwenkoor vormden meteen een vangnet. "Dat zijn mijn zusters. De saamhorigheid is hier groot. Er staan veel huizen te koop en inderdaad, de middenstand verdwijnt. Maar in Blokzijl kun je heerlijk wonen. Voor geen prijs wil ik verhuizen." 

Vanaf januari toert ze opnieuw door het land. Ze speelt de hoofdrol in Bessen, een toneelstuk dat Jos Brink in 1981 schreef voor actrice Henny Orri. "Ik heb het destijds gezien. Hennie was toen, net als ik nu 54, en zat ook 36 jaar in het vak. Ik speel de rol van mevrouw Straatman, een voormalig actrice die in een verzorgingstehuis wordt opgenomen. Ze is in de war en denkt dat ze nog steeds moet optreden. Paul van Ewijk heeft het stuk prachtig bewerkt naar deze tijd. Een tragikomisch verhaal met een verrassend eind." 

Lucie hoeft niet zo nodig het toneel op. En als ze er dan toch staat, speelt ze bij voorkeur in een lichtvoetig drama. "Ik identificeer me hevig met mijn rol; die narigheid gaat in mijn lijf zitten. Toen ik in 1987 Tine Havelaar in Max Havelaar speelde, kwam ik iedere dag treurig thuis. En ik ging er jankend heen. Ik zit niet meer te wachten op al die ellende. Dan maak ik liever een mooi poppenhuis."

Uw commentaar