Het was weer Prins Maurits, die blijkens een akte van 1609 bevestigde
dat de ingezetenen van Blokzijl de vrijheid hadden tot het oprichten en
in stand houden van Waag en Beurs. Anderen zeggen dat dit recht al
verleend werd op 18 januari 1590.
Zeker is, dat op de gevel van het oude gebouw het befaamde en vaak aangehaalde opschrift stond:
"Blokzijl heeft méér schepen in getal, Dan Overijssel heel en al".
Uit
deze provocerende tekst blijkt duidelijk dat Blokzijl zich "Hollands"
voelde en zich afzette tegen de handelsvloten van Kampen en andere
Overijsselse handelshavens.
Prins Maurits heeft bij verlening van de
privileges overwogen, dat Blokzijl geïsoleerd lag van de stropende
benden van de vijand, die koopman en huisman veel ongerief brachten. Ook
telde mee, dat in het omliggende platteland veel boter en kaas gemaakt
werd, dat verhandeld en verscheept werd naar de Holanden en dat
Vollenhove een "open" plaats was, dus onveilig.
We vonden de beurs achter de Brouwerstraat. Het was gebouwd op palen, deels boven de Kolk. Het wordt beschreven als een overdekt "schoon en net" gebouw, waaronder de vismarkt was gevestigd. In 1828 werd het geheel afgebroken, omdat "het wandgedierte" (vermoedelijk houtworm en kakkerlakken) onuitroeibaar bleek.
Nadat in 1828 de Waag werd afgebroken, nam men het gebouw naast de N.H. kerk (Wijde Gang) in gebruik. Nu staat er de kosterswoning.
Bron: Blokzijl, een wandeling door de eeuwen, door Fr. M. Wiedijk




